Klaar om weer aan het werk te gaan

Ongeveer 55 procent van alle kankerdiagnoses wordt gesteld bij mensen die de pensioenleeftijd nog niet bereikt hebben. Een meerderheid (60 tot 80 procent) die vóór de diagnose werkte, keert nadien terug. Opnieuw aan het werk gaan is voor veel lotgenoten een belangrijke stap om de draad van het actieve leven weer op te nemen. Het speelt een grote rol voor sociale contacten, financiële zekerheid en een positief zelfbeeld.
Weer gaan werken is niet voor iedereen even makkelijk. Sommigen kijken uit naar dat moment. Ze willen de periode van hun ziekte afsluiten en het ritme van hun oude leven weer opnemen. Anderen zijn wat angstiger. Ze zijn lang afwezig geweest en vragen zich af of ze nog wel meekunnen, of meewillen, in het oude tempo.


Kom op tegen Kanker lanceerde in 2012 de campagne ‘Werken na kanker’ om de problemen rond werkhervatting beter in kaart te brengen. Uit de meer dan 350 getuigenissen bleek dat werkhervatters niet altijd kunnen rekenen op noodzakelijke aanpassingen in hun werksituatie. Ze klaagden over onvoldoende informatie over rechten en plichten. Het werk gedeeltelijk kunnen hervatten is voor velen noodzakelijk, maar het systeem wordt in de praktijk te rigide toegepast en de regelgeving biedt te weinig flexibiliteit. Sommige mensen worden ontslagen tijdens hun ziekteverlof of kort na de werkhervatting. Ook werk zoeken na een kankerbehandeling loopt vaak erg moeilijk. Voor veel mensen is het dan ook frustrerend. Ze botsen op onbegrip als ze een tijd deeltijds willen werken, of als ze werk vragen aangepast aan de beperkingen door hun behandeling.

Je hebt recht op contact met de arbeidsarts. Dat kan zelfs als er nog geen sprake is van een onmiddellijke werkhervatting. Zo kunnen jullie al afspraken maken om dat vlot voor te bereiden. Een eenvoudig telefoontje naar de externe dienst volstaat om een afspraak in te plannen.

Elk jaar krijgen meer dan tienduizend Belgische vrouwen borstkanker. Een aanzienlijk deel werkt en kan na herstel terugkeren naar de werkvloer. Na een kankerdiagnose duurt het algauw een tot twee jaar voor je weer aan het werk kunt. Het is belangrijk dat je pas gaat werken als je er klaar voor bent. Vergeet niet dat je een heel zware periode achter de rug hebt met een behandeling die misschien sporen nalaat. Bespreek samen met je dokter wat voor jou het best is. Stel jezelf de volgende vragen: kan ik hetzelfde werk doen als ervoor? Moeten sommige aspecten (zoals werkuren of taken) worden aangepast? Op welke problemen kan ik stuiten als ik weer aan het werk ga?

Denk je dat je het werk gedeeltelijk kan hervatten? Bel dan met de medische dienst van je ziekenfonds en vraag een overleg met de adviserende arts in verband met progressieve werkhervatting.

Niets is erger dan na  het zware proces van de behandelingen te moeten vechten voor je baan. Heb wat tijd en geduld met ons als we niet naar behoren reageren of functioneren. We leven tenslotte een beetje op drijfzand.

Leen, 48

Als je zo lang niet meer kunt werken, beginnen ook andere dingen door je hoofd te spoken. Welke gevolgen heeft mijn behandeling op lange termijn? Kan mijn werkgever me ontslaan? Zal die mijn werk willen aanpassen? Zal ik nog werk vinden? Moet ik mijn nieuwe werkgever informeren over mijn ziekte? En ga zo maar door. Het zijn vragen die je kunt stellen aan de personeelsdienst van je werkgever, aan de adviserende arts van je ziekenfonds of zelfs aan een maatschappelijk werker van het ziekenhuis, maar we proberen je hier al op weg te helpen.

Op de website kankerenwerk.be vindt je werkgever informatie over hoe hij/zij kan omgaan met jouw kankerdiagnose. Ook voor jou en je collega’s bevat de website heel wat handige informatie.

Stap voor stap terug naar de werkvloer

Je hoeft als werknemer in België pas een dag op voorhand te laten weten dat je weer kunt komen werken. Van een goede voorbereiding is dan natuurlijk geen sprake. Ook weten werkgevers en werknemers niet altijd hoe het systeem van progressieve werkhervatting – waarbij je nog tijdens het ziekteverlof al af en toe iets overneemt – in de praktijk precies werkt.

Om weer te gaan werken heb je de schriftelijke toestemming nodig van de adviserende arts van je ziekenfonds. Want zolang je een uitkering krijgt, ben je officieel arbeidsongeschikt. Zomaar weer aan de slag gaan kan dus financiële gevolgen hebben. Er bestaan wel interessante overgangsmaatregelen.

Een eerste optie is halftijds werken om medische redenen via gedeeltelijke werkhervatting. Je vraagt aan om een aantal uren en op bepaalde tijdstippen te werken. Misschien werk jij liever elke ochtend, zodat je ’s middags kunt herstellen. Een andere mogelijkheid is progressieve werkhervatting. In dat geval begin je bijvoorbeeld met elke voormiddag werken, of een halve week, en dat bouw je op tot je weer voltijds werkt.

Ik was erg zenuwachtig voor mijn terugkeer naar de werkvloer. Ik had het gevoel dat ik alles vergeten was, ik was bang dat ik mijn inzicht en mijn reflexen kwijt was. Ik vreesde ook dat mijn lichaam, dat zo zwaar geleden had, niet meer mee zou kunnen: ik dacht aan de wachtdiensten, de lange dagen, de avondopleidingen.

Lutgarde, apotheker, 51

Voor beide systemen heb je de toestemming nodig van de adviserende arts van je ziekenfonds. Gaat die akkoord, dan komt het loon voor je werk bij je ziekte-uitkering. Zo kun je geleidelijk weer integreren op de werkvloer zonder financieel nadeel. Weet dat ook je werkgever akkoord moet gaan met zo’n systeem. Het is dus geen automatisme: hij of zij kan ook nee zeggen. Je werkgever mag jou hierbij wel niet discrimineren.

De toelating kan alleen als je minstens 50 procent arbeidsongeschikt bent. Dat betekent niet dat je maar 50 procent mag werken. Je kunt wel degelijk een arbeidsvolume van 70 of 40 procent werken als dat verenigbaar is met je medische toestand. Vraag je ziekenfonds om meer uitleg.

Het is altijd goed om waakzaam te zijn. Als je werkgever akkoord gaat om het werk progressief te hervatten, voegen jullie het best een bijlage toe aan je arbeidsovereenkomst. Die verduidelijkt de aangepaste loon- en arbeidsvoorwaarden en legt vast dat die tijdelijk zijn.

Dit systeem kent geen maximumtermijn. Een van de voordelen van progressieve werkhervatting is dat je je loon kunt cumuleren met ziekte-uitkeringen. Er zijn wel beperkingen. Van je uitkeringen gaat een bepaald bedrag, afhankelijk van je loon. Je ziekenfonds kan uitrekenen hoeveel je uitkeringen nog zullen bedragen. Zo krijg je een idee van je volledige inkomen en van de financiële gevolgen van je progressieve werkhervatting.

Je kunt je werkgever ook vragen om volledig deeltijds te werken. Dan verander je vrijwillig je voltijdse job in een deeltijdse tewerkstelling. Ook hiermee moet je werkgever akkoord gaan, al mag een weigering opnieuw geen discriminatie zijn. Denk goed na vooraleer je definitief deeltijds aan de slag gaat. Dat heeft namelijk een impact op rechten zoals vakantiedagen, deeltijds loon, pensioenberekening …

Heb je nog veel lichamelijke klachten of voel je je nog niet klaar om opnieuw aan de slag te gaan, wacht dan nog even. Je blijft beter wat langer thuis dan na drie maanden werken te moeten inzien dat het niet lukt. Laat niemand je iets opleggen, maar beslis zelf wanneer je weer aan de slag wil.

De eerste maanden deeltijds werk waren gemakkelijk. Maar toen ik weer voltijds begon, kwam ik al snel weer in de maalstroom van het dagelijkse leven terecht. Ik verzorgde mezelf minder, ik zei altijd ja, ook al dacht ik dat het moeilijk zou zijn. Maar de ziekte had haar sporen nagelaten. Een lichaam dat sneller verouderd was, vermoeidheid. Ik ben vier vijfde beginnen te werken met tijdskrediet.

Ditta, 56

Is je werkgever niet te vinden voor progressieve werkhervatting of een aanpassing naar een deeltijdse job, dan kun je eventueel nadenken over een vorm van tijdskrediet. Dat kan niet zomaar geweigerd worden. Informeer je goed over de voorwaarden en modaliteiten. In bepaalde gevallen kun je ook uitkeringen krijgen tijdens tijdskrediet.

Meer informatie hierover kun je verkrijgen bij de RVA of het werkloosheidsbureau van je vakbond. Via breakatwork.be bereken je snel hoeveel tijdskrediet je nog kunt opnemen en hoeveel je uitkering zou bedragen.

Bereid je terugkeer na een langdurige afwezigheid voor. Misschien twijfel je wel of je het zult aankunnen. Voorbereiden kan via een informeel of een formeel re-integratietraject. De informele weg geniet vaak de voorkeur.

Liantis
Een re-integratietraject volgen?

Een informeel traject heeft geen vast stramien, waardoor je niet gebonden bent aan bepaalde stappen of termijnen. Je kunt gewoon contact opnemen met je werkgever en de mogelijkheden bespreken. Een bezoek voorafgaand aan de werkhervatting bij de arbeidsarts kan ook en kan heel nuttig zijn. Je kunt zo vrijblijvend polsen of een terugkeer al aan de orde is, en hoe die terugkeer eruit kan zien. De arbeidsarts is neutraal en onpartijdig.

Bij een formeel traject staat de arbeidsarts centraal en onderzoekt hij/ zij de mogelijkheden tot terugkeer. Zowel jij, jouw werkgever als het ziekenfonds kunnen zo’n traject opstarten. Start je werkgever of het ziekenfonds zo’n traject op, maar laat jouw gezondheidstoestand dat echt nog niet toe? Laat dat dan zo weten. Een traject heeft pas zin als een terugkeer medisch gezien aan de orde is. Je kunt hiervoor niet gestraft worden.

Start jij het traject op, dan neem je contact op met de externe dienst van je werkgever. Zij plannen dan een re-integratiebeoordeling bij de arbeidsarts, waarbij die twee vragen probeert te beantwoorden:

  • Kun jij binnen afzienbare tijd je werk van daarvoor terug opnemen?
  • Kun jij tijdelijk of zelfs definitief aangepast of ander werk uitvoeren binnen je onderneming?

Met jouw toestemming stemt de arbeidsarts ook af met je behandelende arts en specialist. Zij kennen jouw dossier beter, en kunnen hem/haar nuttige info bezorgen om jouw mogelijkheden beter in te schatten.

Afhankelijk van het antwoord op deze vragen, kan de arbeidsarts vijf mogelijke beslissingen nemen:

  1. Beslissing A: Wel aangepast werk, op termijn een terugkeer naar het oorspronkelijk werk mogelijk.
  2. Beslissing B: Niet aangepast werk, op termijn een terugkeer naar het oorspronkelijk werk mogelijk.
  3. Beslissing C: Wel aangepast werk, geen terugkeer naar het oorspronkelijk werk mogelijk.
  4. Beslissing D: Niet aangepast werk, geen terugkeer naar het oorspronkelijk werk mogelijk.
  5. Beslissing E: Wel aangepast werk, re-integratie nog niet aan de orde.

Na de beslissing van de arbeidsarts kijkt jouw werkgever of hij werk kan aanbieden in lijn met die beslissing. Bij een beslissing A krijgt je werkgever 55 dagen de tijd. Bij een beslissing C krijgt je werkgever 12 maanden om na te denken over werk met respect voor de beslissing van de arbeidsarts. Alleen als je werkgever kan aantonen dat het aangepast of ander werk onmogelijk is voor hem, of dit redelijkerwijze om gegronde redenen niet mag worden geëist, is hij niet verplicht om aangepast werk aan te bieden. Hij/zij moet dit dan wel motiveren in een ‘gemotiveerd verslag’. Kan je werkgever wel ander of aangepast werk aanbieden, dan moet hij dit noteren in een ‘re-integratieplan’. Je werkgever moet hierover steeds overleg plegen met jou.

Ben je het niet eens met de medische beslissing C of D van de arbeidsarts die je arbeidsongeschikt verklaart, dan kun je in beroep gaan tot 7 werkdagen na de beslissing van de arbeidsarts. Een arts van de sociale inspectie neemt dan een beslissing.

Ben je het wel eens met de medische beslissing, maar niet met die van jouw werkgever? Weet dan dat je niet verplicht bent om in te gaan op zijn aanbod. Je kunt het re-integratieplan steeds weigeren en ten laste blijven van de mutualiteit.

Is aangepast werk niet mogelijk, of kan je werkgever dat niet aanbieden, dan is het in bepaalde gevallen mogelijk om je arbeidsovereenkomst te beëindigen wegens ‘medische overmacht’.

Overmacht is geen ontslag. Jouw gezondheidssituatie maakt de uitvoering van de arbeidsovereenkomst definitief onmogelijk. Jij of je werkgever hebben hier geen impact op en kunnen er niets aan doen. Omdat het geen ontslag is, heb je geen recht op een opzegvergoeding of een opzegtermijn, maar wel op werkloosheidsuitkeringen.

Medische overmacht kan sinds 2017 alleen nog na een formeel re- integratietraject als:

  • De arbeidsarts verklaart dat je definitief ongeschikt bent, maar wel aangepast of ander werk kunt doen (beslissing C). Je werkgever kan geen aangepast werk aanbieden en motiveert dit een gemotiveerd verslag.
  • De arbeidsarts meent dat je definitief ongeschikt bent, maar wel aangepast of ander werk kunt doen (beslissing C). Je werkgever biedt aangepast werk aan via een re-integratieplan. Jij weigert dit plan.

  • De arbeidsarts is van mening dat je definitief ongeschikt bent, en ook geen aangepast werk kunt doen (beslissing D).

Wil jij je arbeidsovereenkomst niet laten eindigen door medische overmacht, ook niet in onderling overleg, dan kan je werkgever dat eenzijdig doen. In dat geval heb je wel recht op outplacementbegeleiding door een loopbaancentrum dat je begeleidt in je zoektocht naar een andere job. Zij houden rekening met jouw gezondheidssituatie. Het pakket moet 30 uren bedragen en heeft een waarde van 1.800 euro.

Omscholen?

Soms is een andere functie of aangepast werk geen oplossing. Als je erg lang arbeidsongeschikt bent geweest, stellen ziekenfondsen soms een rehabilitatie- of heroriënteringstraject voor. Dan word je bijgeschoold of omgeschoold om iets anders te gaan doen. Jij moet dat voorstel aanvaarden en het RIZIV moet de opleiding goedkeuren. Tijdens die opleidingsperiode ben je beschermd, behoud je je uitkering en hoef je niet te betalen voor de opleiding.

Wie is wie?

  • De arbeidsarts doet aan preventiegeneeskunde. Hij of zij waakt over jouw welzijn op de werkvloer, zodat je niet blootgesteld wordt aan risico’s die jouw gezondheid kunnen schaden. Hij/zij kan samen met jou nagaan of je job is aangepast aan je ziekte en je gezondheidssituatie. Zijn/haar beslissing bepaalt of maatregelen nodig zijn.
  • Een controlearts doet aan controlegeneeskunde. Hij/zij kan in opdracht van je werkgever nagaan of je arbeidsongeschikt bent voor de periode op het attest van je behandelende arts. Zijn/haar beslissing bepaalt of je gewaarborgd loon krijgt.
  • Dan heb je je behandelende arts die aan curatieve of genezende geneeskunde doet en zich focust op jouw gezondheid, genezing en herstel. Dat kan een specialist of je huisarts zijn.
  • Daarnaast is er de adviserende arts van je ziekenfonds. Die oordeelt of je nog arbeidsongeschikt bent volgens de ziekteverzekeringswet. Zijn/haar beslissing bepaalt of je recht hebt op ziekte-uitkeringen van het ziekenfonds. Deze dokter bepaalt ook of het ziekenfonds sommige behandelingen en medicijnen terugbetaalt.
  • Elke arts is altijd gebonden aan het medisch beroepsgeheim.

Het Vlaams Patiëntenplatform heeft een brochure over al deze verschillende artsen en hun taken. Dat kan interessant zijn om te lezen. Je vindt ze op vlaamspatientenplatform.be.

Vijf tips voor werkgevers en collega's

Borstkankervereniging Nederland ondervroeg 750 borstkankerpatiënten over hun ervaringen met terug aan het werk gaan. Daaruit distilleerden ze vijf tips om je re-integratie te vergemakkelijken.

1. Voorbereid op je terugkeer

Je collega’s kunnen wat achtergrondinfo verzamelen over wat het betekent om borstkanker te hebben. Je werkgever kan een arbeidsarts zoeken gespecialiseerd in re-integratie na kanker of desnoods een onafhankelijke coach inschakelen die jou kan bijstaan. Een goede begeleiding helpt bij een volledige terugkeer.

2.    Een veilige en betrouwbare omgeving

Belangrijk is dat je je veilig en begrepen voelt. Je collega’s kunnen interesse en begrip tonen: een open gesprek aangaan over de ziekte en wat er gebeurd is, zonder angst voor het onderwerp ‘kanker’. Het is belangrijk dat jij de ruimte hebt voor een gedoseerde terugkeer, op je eigen tempo. Een belangrijke taak is weggelegd voor je werkgever. Die moet toch minstens een jaar voor zo veel mogelijk flexibiliteit op het werk zorgen, om elk moment de hoeveelheid of het soort werk te kunnen aanpassen.

Ook voor jou als lotgenoot kan het goed zijn om contact te blijven houden met je werkgever of collega’s. Je collega’s kunnen dat vergemakkelijken door tijdens de behandeling al een keer thuis langs te gaan, zodat de stap van beide kanten niet te groot wordt. Zo bieden ze je de kans betrokken te blijven bij het werk als je dat wilt.

In augustus mocht ik van de oncoloog beginnen denken aan hoe ik het zou aanpakken om weer aan het werk te gaan vanaf december. Zelf maakte ik me al een tijdje zorgen over hoe dat moest: ik was verpleegkundige op een afdeling met deels verlamde patiënten. Zou al dat tillen wel haalbaar blijken voor mijn arm? Bij de directie vond ik niet meteen gehoor, dat zouden ze wel bekijken de dag voor ik terugkwam. Gelukkig heeft de hoofdverpleegkundige een andere afdeling voor me gevonden. Maar het zou goed zijn als een tussenpersoon dat soort dingen voor je zou regelen.

Trudi, 58

3.    Een helder stappenplan

Je collega’s kunnen regelmatig nagaan hoe de re-integratie verloopt en contact houden zonder druk uit te oefenen. Je hebt geen nood aan werk onder je niveau, want dat is niet bevorderlijk voor je werkplezier, maar gewoon delen van het eigen werk. Je collega’s kunnen mee in de gaten houden dat je niet over je grenzen gaat.

4.    Borstkanker kan een grote, langdurige impact hebben

Het houdt niet op omdat de behandeling gedaan is. Je bent nog niet klaar wanneer je weer werkt. Misschien moet je nog jaren hormonen slikken, word je elke dag geconfronteerd met de littekens, maar ook met late gevolgen zoals vermoeidheid of concentratieproblemen.

5.    Blijven communiceren

Een open en eerlijke sfeer waarin iedereen kan praten over zorgen of dingen die je moeilijk vindt aan de ziekte zijn cruciaal voor re-integratie. In dat gesprek moeten zowel persoonlijk belang als bedrijfsbelang een plek hebben. Gewoon kunnen praten met je collega is belangrijk. Vragen stellen hoeft niet constant, maar empathie is belangrijk.

Wat als het niet loopt zoals verwacht?

Dan onderneem je het best zo snel mogelijk actie. Als eerste stap kan je bij je leidinggevende, werkgever of arbeidsarts aankloppen. Samen kunnen jullie bekijken of er aanpassingen mogelijk zijn waardoor je wel aan het werk kan blijven.

Door de ziekte en de neveneffecten van de behandelingen zijn vaak redelijke aanpassingen nodig op het werk. Aangepast meubilair voor je fysieke beperkingen of aangepast werk door je vermoeidheid bijvoorbeeld. Of flexibele werktijden, een rustige werkplek, meer thuiswerken. Bespreek dit met je werkgever. Het spijtige is dat je aanpassingen moeilijk kunt afdwingen. In extreme situaties kun je de onwil van je werkgever aanvechten, bijvoorbeeld bij een discriminerende situatie.

kanker en ontslag

Wettelijk gezien mag je werkgever je niet ontslaan omdát je ziek bent. Kanker mag nooit de reden zijn voor ontslag, maar je werkgever mag je wel ontslaan terwijl je ziek bent. Niets verhindert hem/haar om de arbeidsovereenkomst eenzijdig te beëindigen, al mag je werkgever je niet discrimineren om je gezondheidstoestand, mag het ontslag niet kennelijk onredelijk zijn en mag je werkgever geen misbruik maken van het recht om je te ontslaan. Hij/zij heeft dus een goede reden nodig, net zoals bij collega’s die niet ziek zijn. Denk aan negatieve evaluatiegesprekken of de economische situatie van het bedrijf.

Je werkgever is niet verplicht om spontaan je ontslag te motiveren.  Je kunt de concrete motivering van jouw ontslag wel aanvragen bij je werkgever. Die moet binnen een bepaalde termijn antwoorden. Komt het antwoord niet (tijdig), dan heb je recht op een vergoeding. Antwoordt je werkgever wel, maar blijkt dat het om een kennelijk onredelijk ontslag gaat, heb je ook recht op je vergoeding.

Ik ben bijna een jaar thuis geweest. Sinds een tijd ben ik opnieuw halftijds aan het werk. Hoe dat voelt? Langs de ene kant goed, maar het is een hele uitdaging. Tijdens mijn ziekteverlof was er een reorganisatie geweest. Daardoor bestaat mijn job eigenlijk niet meer en werk ik voor een nieuwe baas. Behoorlijk bevreemdend en niet gemakkelijk. Ik moet ook over de onnozelste dingen nadenken. Wat was nu weer het paswoord van mijn pc? Hoe heet die collega die me net groette? En hoe krijg ik nu weer koffie met melk en suiker uit de automaat? Nee, het is niet simpel …

José, 64

Na ontslag moet je werkgever jou een opzeggingstermijn laten presteren. Die begint en loopt niet zolang je arbeidsongeschikt bent. Dat kan wel tijdens progressieve werkhervatting. Kiest je werkgever ervoor om jou geen opzeggingstermijn te laten presteren, dan moet hij je een opzegvergoeding uitbetalen.

Word je definitief arbeidsongeschikt verklaard, dan spreken we van ‘medische overmacht’. Na een formeel re-integratietraject neemt de arbeidsarts die beslissing en adviseert of aangepast werk kan. Je werkgever motiveert dan of hij/zij zo’n werk kan aanbieden. Medische overmacht is alleen mogelijk in bepaalde gevallen, waarna een einde komt aan de arbeidsovereenkomst zonder dat iemand een opzeggingsvergoeding betaalt. Je hebt wel recht op werkloosheidsuitkeringen.

Vertrouwelijk of niet?

Wettelijk gezien ben je niet verplicht om je werkgever of collega’s te vertellen dat je kanker hebt. Belangrijk om te weten is dat de arbeidsarts gebonden is aan het beroepsgeheim en niets kan of mag doorgeven aan je werkgever. Ook tijdens je ziekteverlof kun je een gesprek aanvragen bij de arbeidsarts. Een gesprek met je werkgever kan wel voor duidelijkheid zorgen over de vooruitzichten en mogelijkheden om weer aan het werk te gaan. Je vertelt wat jij kunt en wilt, maar ook wat je van je werkgever verwacht. Ook kun je uitleggen welke vorm van kanker je hebt en wat de gevolgen zijn.

Werken tijdens kanker

In principe moet je al je activiteiten stopzetten om als arbeidsongeschikt erkend te worden en te blijven. Toch kan de adviserende arts van het ziekenfonds je de toestemming geven om een aangepaste activiteit te doen, bij je eigen werkgever of ergens anders. Je moet dus toestemming hebben, anders kan het een weerslag hebben op je ziekte- en invaliditeitsuitkering. Sinds april 2013 hoef je niet meer te wachten op toestemming van de adviserende arts om je werk te hervatten. Die toestemming kan ook achteraf. De nodige formulieren kun je krijgen bij het ziekenfonds. Ook voor vrijwilligerswerk heb je toestemming nodig. De adviserende arts gaat na of dat verenigbaar is met je gezondheidstoestand. Het mag ook geen schade berokkenen aan je werkgever.

Kanker en solliciteren

Een voorgeschiedenis van kanker is geen reden om iemand niet aan te werven. Sinds een paar jaar staat dat ook letterlijk zo in de antidiscriminatiewet. Je bent niet verplicht om tijdens een sollicitatieprocedure de werkgever op de hoogte te brengen dat je kanker had. Die informatie behoort tot je persoonlijke levenssfeer. De werkgever heeft alleen recht op die informatie wanneer een bepaalde vorm van kanker je geheel of gedeeltelijk ongeschikt maakt voor de functie waarvoor je solliciteert. Soms wordt als laatste stap in een aanwervingsproces een onderzoek bij de arbeidsarts georganiseerd. Dan kun je eventueel over je kanker en de gevolgen spreken. De arbeidsarts moet zich houden aan het beroepsgeheim, maar moet wel beoordelen of je geschikt bent voor de functie.

Tijdens een sollicitatie wordt er zelden naar gevraagd, al kun je soms moeilijk anders dan erop ingaan, als je bijvoorbeeld de hiaten in je loopbaan moet invullen toen je niet werkte door je behandeling. Wek geen wantrouwen door geheimzinnig te doen, maar wees eerlijk. Soms kan je diagnose of genezingsproces een impact hebben op de risico’s verbonden aan het werk.

Je bent zelfstandige?

“Zelfstandigen zijn te weinig verzekerd tegen inkomensverlies”, meldde de Stichting tegen Kanker. Ze zijn zo weinig bezig met het risico  op ziek worden dat ze niet verzekerd zijn wanneer het wel gebeurt. “Ze verdrinken in de administratie bij de opstart van hun zaak en verliezen daarbij hun persoonlijke bescherming soms uit het oog”, zei onderzoekster Nele Van den Cruyce.

Kanker kan arm maken, maar bij zelfstandigen kan die val nog veel groter zijn. Ze hebben vaak leningen voor investeringen. Het inkomensverlies weegt dus zwaarder door. Als ze chemo krijgen, moeten ze het niet alleen stellen met een lager inkomen, maar komt ook de werking van hun zaak in het gedrang. Klanten moeten immers ergens hun gading vinden. Vaak moet je als ondernemer na ziekte een heel nieuw netwerk opbouwen. Zelfstandigen blijven langer doorwerken en hervatten het werk sneller, terwijl een werknemer na een kankertherapie vaak stapsgewijs weer aan het werk kan.

Informeer je goed over bestaande maatregelen als je ziek wordt! Zo kun je als zelfstandige bij ziekte tijdelijk de betaling van je sociale bijdragen stopzetten. Ook een goede hospitalisatieverzekering en een polis voor gewaarborgd inkomen zijn geen overbodige luxe.

De wet-partyka

Nog niet zo lang geleden was een betaalbare lening of verzekering na kanker bijna onmogelijk. De premie van een schuldsaldoverzekering lag bijvoorbeeld soms wel tot 8 keer hoger, of ex-kankerpatiënten werden gewoon geweigerd door verzekeringsmaatschappijen. Maar in januari 2015 is dat veranderd. Toen trad de wet-Partyka in voege.

Als je merkt dat je verzekeraar je aanvraag weigert of je een te hoge meerpremie wil opleggen, kun je je tot het onafhankelijke Opvolgingsbureau richten. Dat onderzoekt de motivering voor die premie, of roept bij weigering het verzekeringsbedrijf ter verantwoording. Een compensatiekas springt bovendien bij als de medische bijpremie hoger is dan 125 procent van de basispremie (tot aan een plafond van 800 procent). De verschillende verzekeringsmaatschappijen financieren de kas.

Veel mensen zijn hiervan niet op de hoogte. Verzekeraars lichten hun klanten nog te weinig in over deze mogelijkheden. Vraag er dus zeker naar.

Belangrijk is de motivatieplicht van de verzekeraar: die is ook van toepassing op de individuele levensverzekering, auto- of hospitalisatieverzekering. Dat is goed, maar verzekeraars zijn nog altijd niet verplicht om inzicht te geven in bedrijfseigen gegevens zoals acceptatieregels of tarieven.

Vanaf februari 2020 geldt het recht om vergeten te worden, een wet die garantie biedt op een betaalbare schuldsaldoverzekering. Nadat je genezen verklaard bent, mag niet meer meespelen dat je ooit borstkanker had. Bij vragen kun je terecht bij het Opvolgingsbureau. Dat bestaat uit vertegenwoordigers van patiëntenverenigingen, een consumentenvereniging (Test-Aankoop), en uit de verzekeringsondernemingen. Aan het hoofd staat een onafhankelijke magistraat. Het bureau bereik je via 02 547 57 70.