Het borstzelfonderzoek
U doet er goed aan regelmatig zelf uw borsten te onderzoeken. De meeste borstgezwellen worden immers door de vrouwen zelf gevoeld. Door zelfonderzoek kunt u een gezwel veel vroeger ontdekken. Hoe kleiner een borstkanker wanneer hij ontdekt wordt, hoe groter de genezingskansen. Bovendien hebt u meer kans om uw borst te behouden en zal de nabehandeling minder zwaar zijn.
Het is de bedoeling om een goede gewoonte aan te leren en vooral vertrouwd te worden met uw eigen borsten. Begin daarom het borstzelfonderzoek tussen uw twintigste en vijfentwintigste en onderzoek uzelf één keer per maand, kort na de menstruatie.
Het onderzoek gebeurt bij voorkeur in de badkamer, douche of slaapkamer. De enige vereiste is een spiegel waarin het bovenlichaam goed zichtbaar is, een goede belichting en enkele minuten privacy.
Hoe moet u het doen?
U onderzoekt de hele borst met inbegrip van de tepel, het tepelhof en de streek tussen de borst en de oksel. Het onderzoek gebeurt door bekijken en betasten. Volg altijd dezelfde routine: zo is er minder gevaar dat u een gedeelte van het onderzoek vergeet.
Waarop moet u letten?
- let op veranderingen in grootte en vorm van de borsten
- noteer veranderingen in de omtreklijn, een zichtbare welving, een afvlakking, een kuiltje of een inkeping van de huid, lichte verkleuring van de huid of een verdikking door vochtopeenhoping
- vergeet niet uw tepels te bekijken, let op verandering in richting, afvlakking of intrekking van de tepel, eczeem, een lichte korstvorming van de tepel of het tepelhof
Contacteer bij de minste verandering onmiddellijk uw arts, die u raad kan geven omtrent uw vragen of twijfels.
Let op: Een borstzelfonderzoek kan nooit een mammografie vervangen.